|
Al
heeft terugkijken niet zo heel veel zin, iedereen heeft
kunnen volgen hoe ’t gelopen is, toch nog even het geheugen
opfrissen.
Eind
vorige eeuw komen Slippens en Stam in beeld als vast koppel,
ideeën voor zesdaagsen in Nederland beginnen te borrelen.
In
september 2001 volgt dan de eerste editie van een nieuwe
serie zesdaagsen van Amsterdam in het Velodroom van Sloten.
Onze mannen worden in hun eerste thuiszesdaagse derde, aan
de resultaten in het buitenland kun je zien dat ze gestaag
groeien. Enkele maanden later: Helaas, in Bremen valt Danny
en breekt een pols. De rest van het seizoen is naar de
knoppen.
In
oktober 2002, wederom in Amsterdam, worden ze nipt van de
overwinning afgehouden door Silvio Martinello en Marco
Villa.
In
januari 2003 is weer de zesdaagse van Bremen en dit keer
loopt het anders, beter. De overwinning gaat na een strijd
tegen Andreas Kappes en Andreas Beikirch naar Slippens en
Stam. Naast de blijdschap bij Slippens en Stam zal ik nooit
de woede en het ongeloof vergeten, dat was af te lezen van
het gezicht van Kappes. Wie deze uitslag had durven
voorspellen had goed geld kunnen verdienen.
Gouden tijden breken aan voor de liefhebbers van
baanwielrennen, in het bijzonder de van zesdaagsen. In
Rotterdam wordt openlijk gesproken over een zesdaagse.
In
oktober 2003, de tweede overwinning voor Robert en
Danny, in Amsterdam.
In
het seizoen 2004/2005 breken de Noord-Hollanders definitief
door, na Amsterdam en Gent winnen ze de eerste zesdaagse van
Rotterdam in de eenentwintigste eeuw.
In
Ahoy, waar Robert Slippens ooit verliefd is geworden op het
baanwielrennen.
2005/2006, overwinningen in Rotterdam, Bremen, Berlijn
en Kopenhagen.
29
augustus 2006, Robert komt zwaar ten val tegen een paal
tijdens de Schaal Sels, een wedstrijd in de buurt van de
Belgisch-Nederlandse grens. Zo talrijk zijn de verwondingen
dat hij dagenlang op de intensive care afdeling verblijft.
Het is al de vraag of we hem ooit nog zien fietsen, maar het
seizoen 2006/2007 kan definitief afgeschreven worden. En
toch, In Hasselt, de laatste zesdaagse van dit seizoen staat
hij er weer. Nog niet helemaal de oude, maar met een
strijdlust als nooit tevoren.
2007/2008: In de uitslagen van de eerste helft van het
seizoen is te zien dat het weer beter gaat, al zit winnen er
nog niet in. In de tweede helft van het seizoen, in 2008
dus, moet het weer gaan gebeuren. Helaas, Robert loopt een
zitvlakblessure op na een ongelukkige manoeuvre in Zürich,
de rest van het seizoen ligt weer in duigen.
Van het verleden naar het heden
Zojuist is de zesdaagse van Amsterdam 2008 afgesloten met
een overwinning voor “de Witte Leeuwen”. Sommigen noemen dit
niet verrassend, maar die kennen de geschiedenis niet en
zijn waarschijnlijk ook niet aanwezig geweest in Sloten.
We
hebben zes dagen genoten van topsport, geapplaudisseerd voor
alle renners die een wedstrijd wonnen, maar bijna iedereen
hield voortdurend een oog gericht op Robert Slippens. Is hij
weer helemaal terug ? Is hij weer de oude ?
Een
eerste duidelijke aanwijzing kregen we aan het eind van de
koppelkoers van woensdag. Perfect afgezet door Danny
versloeg Robert in een daverende sprint Iljo Keisse.
Blijdschap bij Slippens en Stam, maar de anders zo
toegankelijke Keisse was niet aanspreekbaar. Gezicht op
onweer, het hoofd gebogen, beende hij korte tijd later
richting de kleedkamers.
Richting de finale op zaterdag vroegen we het ons af:
“Zouden ze een kans maken ?” In het algemeen klassement
stonden ze er niet best voor, derde op punten en Risi
Marvulli op een ronde achterstand, maar ook met veel meer
punten.
De
wedstrijd volgde de logica: Risi en Marvulli gingen voor
de winstronde, Keisse en Bartko trachtten dit te
verhinderen. Meerdere malen waren Risi en Marvulli weg en
leidden Keisse en Bartko het peloton in de achtervolging.
Slippens en Stam konden toezien hoe de Belgisch-Duitse
combinatie en de Zwitsers elkaar afmatten. Op een uitgekookt
moment, vlak voor het ingaan van de laatste vijftig ronden,
sprongen ze dan weg, Robert en Danny. Een ronde voorsprong
nemen, de enige manier om nog te winnen. Erik Zabel en Leif
Lampater glipten mee.
Pech of geluk ? Zabel en Lampater stonden in dezelfde
ronde en met meer punten.
Het
peloton liet niet zomaar begaan, het feit dat de twee
koppels konden samenwerken maakte het nemen van een ronde
iets eenvoudiger en ze slaagden dan ook. Op punten waren ze
wel te verslaan, Zabel en Lampater, maar het zou nipt
worden, het kwam op de slotsprint aan.
Het
publiek voelde het intussen al lang aan: De mogelijkheden
zijn er en misschien moeten wij wel de doorslag geven. Er
werd gefloten, geschreeuwd en gebruld, het handgeklap hield
niet op. Zabel en Lampater moeten zich hebben afgevraagd
waar al dat geluid vandaan kwam, want in het Velodroom
passen lang niet zo veel mensen als zij in Duitsland gewend
zijn. Raakten de Duitsers ervan onder de indruk of is Robert
Slippens nu gewoon weer zo goed dat hij een erkend sprinter
kan verslaan ?
Met
een ultieme jump verwees Slippens Zabel naar de tweede
plaats.
En
dan weer de emoties. Hier en daar op de tribunes werd een
traantje weggepinkt al overheerste natuurlijk de vreugde.
Teleurstelling bij Zabel, die een ronde later alweer een
glimlach niet kon onderdrukken bij het zien van Danny en
Robert, juichend en lachend, maar met natte ogen.
Een zesdaagse zonder Robert Slippens, een paar jaar
geleden niet voor te stellen. Intussen hebben we er
noodgedwongen aan moeten wennen. Niet dat we geen mooie
koersen hebben gezien, maar het was het altijd net niet,
want we wisten dat hij hetzelfde wilde als wij.
En nu
heeft hij het hem dan toch weer geflikt.
Het
is niet zomaar gekomen. Robert en Danny hebben zich
uitgebreid voorbereid op het nieuwe seizoen, ver weg van de
Nederlandse wielerbanen, in Italië.
Het
resultaat zagen we de afgelopen zes dagen, ze wonnen de 16e
zesdaagse van Amsterdam.
Nog
veel mooier: Het is het bewijs dat ze weer helemaal terug
zijn.
Javelin
|